Herfsttijloos - Colchicum autumnale -- (Colchiaceae - Herfsttijloosfamilie)
Hommelplant, drachtplant
Een knolgewas
Bloeiperiode: september - oktober
Bloem: lila, bloem lijkt op krokus; de nagels van de 6 bloemdekbladen zijn tot een lange buis vergroeid. De helm- hokken van de 6 meeldraden; naar binnen openspringend; vruchtbeginsel
3-hokkig en bovenstandig, maar bevindt zich tijdens de bloei onder het maaiveld; 3 ongedeelde stijlen met bloeiwijze alleenstaand
Blad: Bladen (tijdens de boei afwezig, verschijnen pas vroeg in het voorjaar), breed en wortelstandige, 3 of 4 bij elkaar
Vrucht: de eivormige groene doosvrucht ontwikkelt zicht in de loop van het voorjaar tot aan de zomer.
Hoogte: 0,1-0,35 m; de bladen tot
ca. 0, 5m
Milieu: natte tot vochtige, voedselrijke en veelal kalk- en humushoudende bodems; in grasland van uiterwaarden, natte en vochtige hooilanden, loofbos, langs truwelen; natte spoorwegtaluds en zeer vochtige taluds van holle wegen; soms ook in droog kalkgrasland; licht beschaduwd-zonnig.
Verspreiding in Nederland: zeer zeldzaam in de rivier en beekdalen; begin jaren tachtig vorige eeuw massaal bij Maastricht, langs miljoenenlijntje en in het waterwingebied bij Eys. Vooral in deze omvang een goede drachtplant.
Toepassing: tuinen, parken. Plant zeer giftig. Groeit ook heel goed op drogere bodems, maar vormt dan geen vruchten.
Beheer: hooilandbeheer of beweiding. Tussen juni - juli is voor deze plant de beste maaiperiode, maar voor andere planten en voor bloembezoekende insecten zeer nadelig. De vegetaties zouden in principe vlak voor de bloei kunnen worden gemaaid, maar voor de bloem is dat minder gewenst. De zeer tere, bladloze bloemen hebben dan geen enkele steun meer en zijn dan zeer kwetsbaar voor regen en wind; ze staan het beste op plekken waar ze met de bloemkroon net boven de grazige vegetatie uit steken. Als het mogelijk is alleen na de hoofdbloei maaien, anders rond eind juni. Omdat het steeds om kleinschalige situaties gaat kan er ook zeer gefaseerd worden gemaaid waarbij de eerste maaibeurt bijzondere planten worden ontzien. Begrazing door schapen is een alternatief, maar in verband met vertrappen van de bloemen, niet vlak voor of tijdens de bloei.
Wilde solitaire bijen: niet waargenomen, in verband met late bloeiperiode van weinig betekenis voor wilde solitaire bijen.
Dracht: nectar en oranjerood stuifmeel. Indicatie voor dracht: code 3 ( bij massavegetaties 5)
 
Platen - (bron links: Flora Batavia Jan Kops et al.; rechts: O.W. Thomé Flora von Deutschland, ---
Österreich und der Schweiz).
 
Platen - (bron links: Deutschlands Flora in Abbildungen.Johann Georg Sturm; rechts: Flora Danica Georg Christian Oeder e.a.)
 
Fragment vegetatie
 
Fragment in een tuin
 
Fragment in een tuin
 
Doosvruchten
 
Fragment vochtig hooiland in Zuid-Limburgi
 
Herfsttijloos in de tuin
 
 
Honingbijen -
 
Honingbij
 
Honingbij
 
Honingbij
 
Honingbij
 
Honingbij
 
Honingbij
 
Honingbij met oranjerood stuifmeel